Schijnzelfstandigheid test: zelfstandige of eigenlijk werknemer?
Beantwoord 14 vragen over hoe de samenwerking in de praktijk verloopt en krijg een indicatie van het risico op herkwalificatie, met uitleg per criterium en tips. Voor zelfstandigen en opdrachtgevers.
Indicatie
| Factor (weging) | Wijst richting | Score |
|---|
Tips om het risico te verlagen
De score is geen kans in statistische zin, maar een gewogen optelsom van je antwoorden. Zie „Zo werkt de score” hieronder.
Zo werkt de score
- Elk antwoord krijgt een waarde: richting werknemer = 1, richting zelfstandige = 0, „deels” en „weet niet” = 0,5. Onbeantwoorde vragen tellen niet mee.
- Per factor wordt het gemiddelde genomen; de risicoscore is het gewogen gemiddelde van de factoren × 100 (gewichten hieronder).
- Niveaus: laag vanaf 0 · gemiddeld vanaf 30 · verhoogd vanaf 50 · hoog vanaf 70.
- Sectorvermoeden: kies je bouw, bewaking, vervoer, schoonmaak of land- en tuinbouw, dan telt de test hoeveel van de 9 wettelijke criteria vervuld zijn. Meer dan de helft (5 of meer) betekent een weerlegbaar vermoeden van een arbeidsovereenkomst; het niveau is dan minstens verhoogd. Zijn 5 of meer criteria níet vervuld, dan geldt een weerlegbaar vermoeden van zelfstandige arbeid. Voor sommige sectoren bestaan bij koninklijk besluit specifieke criteria; die zijn hier niet afzonderlijk verwerkt.
- Platformwerk: daarvoor gelden 8 eigen criteria (vermoeden bij 3 van de 8 of 2 van de laatste 5); de test geeft dan een melding maar telt ze niet.
- De gewichten zijn een eigen, transparante keuze op basis van de bronnen. Volgens de wet heeft geen enkel criterium afzonderlijk waarde; het gaat om de samenloop van criteria.
- Je ziet een uitslag zodra je minstens 10 van de 14 vragen hebt beantwoord.
Uitleg: Schijnzelfstandigheid in België
Een schijnzelfstandige werkt onder het statuut van zelfstandige, maar oefent zijn activiteit in werkelijkheid uit onder het gezag van een werkgever. Het verschil tussen werknemer en zelfstandige is volgens de FOD WASO het al dan niet bestaan van een gezagsverhouding. De Arbeidsrelatiewet (Programmawet (I) van 27 december 2006, art. 328 tot 343) beoordeelt dat met vier algemene criteria: de wil der partijen, de vrijheid van organisatie van de werktijd, de vrijheid van organisatie van het werk en de mogelijkheid tot hiërarchische controle. Elk criterium afzonderlijk heeft geen waarde; het gaat om de samenloop.
In de bouw, bewaking, het vervoer, de schoonmaak en de land- en tuinbouw geldt een weerlegbaar vermoeden: zijn meer dan de helft van 9 economische criteria vervuld, dan wordt een arbeidsovereenkomst vermoed. Voor platformwerk gelden aparte criteria. Bij twijfel kan de Administratieve Commissie ter regeling van de arbeidsrelatie een advies of een rulingbeslissing geven. Wil je het kostenverschil kennen? Gebruik de rekenhulp zelfstandige vs werknemer of bereken de loonkost van een bediende.
Veelgestelde vragen
Wat is schijnzelfstandigheid?
Een schijnzelfstandige heeft het statuut van zelfstandige, maar werkt in werkelijkheid onder het gezag van een werkgever. Bij herkwalificatie gelden de regels van een arbeidsovereenkomst en de RSZ-bijdragen voor werknemers.
Welke criteria gebruikt de Arbeidsrelatiewet?
Vier algemene criteria: de wil der partijen (als de uitvoering ermee overeenstemt), de vrijheid van organisatie van de werktijd, de vrijheid van organisatie van het werk en de mogelijkheid tot hiërarchische controle. Daarnaast bestaan neutrale en specifieke criteria.
Wanneer geldt het vermoeden van een arbeidsovereenkomst?
In de bouw, bewaking, het vervoer, de schoonmaak en de land- en tuinbouw wordt een arbeidsovereenkomst vermoed als meer dan de helft van de 9 wettelijke criteria vervuld is, zoals geen financieel risico, een vaste vergoeding en werken met materiaal van de opdrachtgever. Het vermoeden is weerlegbaar en geldt niet voor familiale arbeidsrelaties.
Wat doet de Commissie Arbeidsrelaties?
De Administratieve Commissie ter regeling van de arbeidsrelatie beslist op aanvraag of een arbeidsrelatie die van werknemer of zelfstandige is. Sinds 2023 kan ze ook adviezen geven; een advies is niet bindend.
Is de uitkomst van deze test bindend?
Nee. De test is een indicatie en geen beslissing van de RSZ, de inspectie, de Commissie of de rechtbank. Raadpleeg bij twijfel je sociaal secretariaat, socialeverzekeringsfonds of een advocaat.
Worden mijn antwoorden opgeslagen?
Nee. De berekening gebeurt in je browser. We tellen alleen anoniem dat de test is afgerond, zonder je antwoorden.
Let op: indicatie, geen juridisch oordeel
Deze test geeft een indicatie op basis van de algemene en specifieke criteria van de Arbeidsrelatiewet. Het is geen juridisch advies en geen beslissing van de RSZ, de sociale inspectie of de rechtbank; daaraan kunnen geen rechten worden ontleend. Voor zekerheid kun je een advies of een rulingbeslissing vragen aan de Administratieve Commissie ter regeling van de arbeidsrelatie, of raad je sociaal secretariaat, socialeverzekeringsfonds of een advocaat. Niet meegenomen: familiale arbeidsrelaties (daarop is het vermoeden niet van toepassing), specifieke sectorcriteria bij koninklijk besluit en de 8 criteria voor platformwerk.
Bronnen & gebruikte waarden
| Factor | Weging | Onderbouwing |
|---|---|---|
| Wil der partijen | 10% | Algemeen criterium (art. 333 Arbeidsrelatiewet). Telt alleen als de uitvoering ermee overeenkomt; daarom een lager gewicht. |
| Vrijheid in de organisatie van de werktijd | 20% | Algemeen criterium (art. 333 Arbeidsrelatiewet). |
| Vrijheid in de organisatie van het werk | 20% | Algemeen criterium (art. 333 Arbeidsrelatiewet); vervanging/eigen personeel is ook sectorcriterium g. |
| Mogelijkheid van hiërarchische controle | 20% | Algemeen criterium (art. 333 Arbeidsrelatiewet): de mogelijkheid van controle volstaat, ze hoeft niet effectief uitgeoefend te worden. |
| Economische zelfstandigheid (sectorcriteria) | 30% | De 9 criteria van het vermoeden (art. 337/2) voor bouw, bewaking, vervoer, schoonmaak en land- en tuinbouw; buiten die sectoren gebruikt als aanwijzing. |
modelkeuze De gewichten zijn geen wettelijke waarden maar een eigen inschatting op basis van de bronnen hieronder.
- FOD WASO – Arbeidsrelatiewet: loontrekkende of zelfstandige? (algemene criteria, vermoeden, 9 criteria, platformwerk)
- Commissie Arbeidsrelaties – Schijnzelfstandigheid / schijnwerknemerschap (advies of rulingbeslissing)
- Commissie Administratieve Regeling inzake de Arbeidsrelatie (FOD Sociale Zekerheid) – zelfstandige of werknemer?
- Commissie Arbeidsrelaties – Jaarverslag 2025
Gecontroleerd op 3 oktober 2026.