Voor werknemers en werkgevers
Vertrekvakantiegeld berekenen (België)
Ga je als bediende uit dienst? Dan krijg je bij je vertrek vakantiegeld: 15,34% van wat je dit jaar bij je werkgever verdiende. Vul je brutomaandloon en het aantal maanden in. Je ziet direct het bruto bedrag met de som erbij, en ongeveer wat je netto overhoudt.
Vertrekvakantiegeld
| Opbouw | Waarde |
|---|
Uitleg: Vertrekvakantiegeld berekenen (België)
Ga je als bediende uit dienst, dan betaalt je werkgever je bij je vertrek vertrekvakantiegeld: 15,34% van het brutoloon dat je dit jaar bij die werkgever verdiende (7,67% enkel en 7,67% dubbel vakantiegeld). Heb je de vakantie van dit jaar nog niet volledig opgenomen, dan krijg je daarnaast vakantiegeld op je loon van vorig jaar (art. 46 KB van 30 maart 1967). Met dat geld betaal je in feite je vakantie van volgend jaar: je nieuwe werkgever betaalt voor die dagen maar een klein deel van je loon. Hoeveel vakantiedagen je hebt, bereken je met vakantiedagen.
Veelgestelde vragen
Hoeveel bedraagt het vertrekvakantiegeld?
15,34% van het brutoloon dat je dit jaar bij je werkgever verdiende: 7,67% enkel en 7,67% dubbel vertrekvakantiegeld. Gelijkgestelde dagen, zoals ziekte binnen bepaalde grenzen, tellen mee. Bij € 3.500 per maand, 9 maanden en een eindejaarspremie van één maandloon (naar rato) is dat 15,34% × € 34.125 = € 5.234,78 bruto.
Krijg ik ook vakantiegeld over vorig jaar?
Ja, als je de vakantie van dit jaar (verdiend met je werk van vorig jaar) nog niet volledig hebt opgenomen. Dan betaalt je werkgever ook 15,34% van je brutoloon van vorig jaar, min het vakantiegeld dat je daarvoor al kreeg: het loon voor de vakantiedagen die je al nam en meestal het dubbel vakantiegeld van mei of juni. Zet dat aan onder „Meer opties”.
Hoeveel hou ik netto over van mijn vertrekvakantiegeld?
Op het enkel vertrekvakantiegeld betaal je 13,07% RSZ, op het dubbel vertrekvakantiegeld een bijzondere bijdrage van 13,07% op 6,80% van je brutoloon. Daarna houdt je werkgever bedrijfsvoorheffing in volgens het tarief voor vakantiegeld uit Bijlage III, dat afhangt van je normale jaarloon: in 2026 van 0% tot 53,50%. Bij een loon van € 3.500 per maand hou je ongeveer de helft over.
Wat betekent dit voor mijn vakantie bij een nieuwe werkgever?
Je houdt je recht op vakantiedagen volgend jaar, maar het loon voor die dagen kreeg je al via het vertrekvakantiegeld. Je nieuwe werkgever betaalt per vakantiedag een voorschot van 10% en maakt in december of bij je vertrek de eindafrekening. Bewaar het vakantieattest dat je bij je vertrek krijgt.
Geldt dit ook voor arbeiders?
Nee. Arbeiders krijgen hun vakantiegeld niet van hun werkgever maar van de Rijksdienst voor Jaarlijkse Vakantie (RJV) of een vakantiefonds, en daar verandert een vertrek niets aan. Deze rekenhulp is voor bedienden in de privésector.
Let op: indicatief, geen advies
Deze berekening is een indicatie op basis van algemene wettelijke regels en tarieven 2026 en vormt geen fiscaal, juridisch of salarisadvies. Voor bedienden in de privésector. Uitgangspunten: 5-dagenweek, geen kinderen ten laste (vrijstelling en vermindering van bedrijfsvoorheffing niet berekend). Het normale jaarloon voor het voorheffingspercentage is benaderd als belastbaar maandloon × 12. De eindejaarspremie telt naar rato mee in het brutoloon, zoals in het rekenvoorbeeld van de RSZ; of en hoeveel je krijgt, hangt af van je paritair comité. Niet meegenomen: fictief loon voor gelijkgestelde dagen, aanvullend (Europees) vakantiegeld dat moet worden afgetrokken, variabel loon, de exacte verrekening per vakantiedag, arbeiders (RJV/vakantiefonds) en de openbare sector. Aan deze uitkomst kunnen geen rechten worden ontleend.
Bronnen & gebruikte waarden
| Onderdeel | Waarde | Status |
|---|---|---|
| Vertrekvakantiegeld lopend jaar | 15,34% van het brutoloon 2026 bij deze werkgever (7,67% enkel + 7,67% dubbel) | RSZ / art. 46 KB 30-3-1967 |
| Vakantie van dit jaar nog niet opgenomen | ook 15,34% van het brutoloon van vorig jaar, min het al betaalde vakantiegeld | art. 46 KB 30-3-1967 |
| Nog niet opgenomen dagen | enkel: 7,67% × openstaande dagen ÷ 20; dubbel: 7,67% tenzij al ontvangen | benadering |
| RSZ enkel vertrekvakantiegeld | 13,07% werknemer; werkgever 32,43% (≥ 10 wn.: 34,12%) | RSZ 2026/3 |
| Dubbel vertrekvakantiegeld | bijzondere bijdrage 13,07% op 6,80% van het brutoloon; geen werkgeversbijdragen | RSZ 2026/3 |
| BV vakantiegeld 2026 | 0% tot € 10.675 · 19,17% · 21,20% · 26,25% · 31,30% · 34,33% · 36,34% · 39,37% · 42,39% (tot € 45.860) · 47,44% (tot € 59.900) · 53,50% | Bijlage III 2026, punt 53 |
| Kolom vakantiegeld voor enkel én dubbel vertrekvakantiegeld | toegepast | benadering |
| Eindejaarspremie in het brutoloon | naar rato meegeteld (standaard 100% van het maandloon) | volgt PC |
| Referentieloon voorheffing | belastbaar maandloon × 12; geen BV als het jaarloon incl. vakantiegeld ÷ 12 geen BV geeft (punt 57) | benadering |
- RSZ – Administratieve instructies 2026/3: vakantiegeld, vertrekvakantiegeld bedienden (15,34% = 7,67% enkel + 7,67% dubbel)
- RSZ – Administratieve instructies: inhouding op het dubbel vakantiegeld (13,07% op 6,80% van het brutoloon)
- RJV – Art. 46 KB 30 maart 1967 (vertrekvakantiegeld bedienden), evolutie van de tekst (PDF)
- FOD Financiën – Berekening van de bedrijfsvoorheffing (sleutelformule vanaf 1 januari 2026, Bijlage III KB/WIB 92, BS 29-12-2025)
- Sociale Zekerheid (socialsecurity.be) – Jaarlijkse vakantie (vakantiedienstjaar, max. 4 weken, dubbel vakantiegeld 92%)
Gecontroleerd op 7 oktober 2026.